Posts tonen met het label Reizen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Reizen. Alle posts tonen

donderdag 11 september 2014

In Hunza, vrouwen...


Hier is weer een ander kleine leuke feit over Pakistan, meer bepaald over Hunza, 
een gebied in het noorden dat door de Himalaya getekend wordt. (1min31)

Klik hier voor de Video


zondag 7 september 2014

Het ritme van de soefi



Wanneer ik voor een maand in Pakistan was, namen mijn gastheren, die ik via couchsurfing had leren kennen, me op twee donderdagavonden mee naar de schrijn van Baba Shaj Jamal in Lahore. 

Een van mijn gastheren en ik
Al voor eeuwen verzamelen vele soefi’s, volgers, zakenmannen, studenten zich wekelijks op donderdagavond om naar op het hypnotiserend ritme van de dhol, de traditionele drum, gespeeld door beroemde mensen zoals Pappu Saeen en anderen contact te zoeken met God. In het midden van het plein wervelen de derwisjen en mentaal gehandicapten en schudden met hun hoofd om in een extase te geraken. Niemand anders is toegelaten om de heilige dans te doen. Anderen zoeken dan maar hasj om in hogere sferen te geraken.  Hasj is toegelaten in soefisme en is misschien wel voor enkele aanwezigen de reden om elke donderdagavond naar hier af te zakken. Een van mijn vrienden had me op voorhand verteld dat het alleen een drumsessie met hasjrokers is, „maar dat ik voor de ervaring moest gaan”, maar het is veel meer dan dat… 

In andere takken van de islam wordt dans, muziek en drugs als het allerlaagste beschouwd. Vaak vormen deze duidelijke verschillen de aanleiding voor enkele rellen tussen soefi’s en extreem gelovigen van andere takken met enkele doden tot gevolg. 
Daarom is er overal beveiliging. 
In Pakistan en vele andere ontwikkelingslanden zie ik dat vele gebouwen omheind worden door hoge, grijze muren, liefst met prikkeldraad, en ook wanneer ik deze schrijn binnenwandel, langs de politieagenten, lijk ik in een gevangenis te stappen. Een mannengevangenis. 

Mensen komen op mijn mannelijk gezelschap af, praten Urdu of Punjabi tegen hen en maken plaats op de eerste rij voor ons. Een van mijn couchsurfing hosts grapt dat ik langer moet blijven zodat ze „de White Woman VIP CARD altijd kunnen gebruiken om de beste plaats te krijgen.”
Mensen bieden ons rijst, water, snoep en hasj aan.
Toen viel de eerste drumslag. 

Wij werden gebombardeerd door duizenden snoepjes. 
De gekte begon. Mannen scandeerden als uit een mond de naam van „Ali”. 
Ik was vooral onder de indruk van de derwisjen, hun passie voor het Verdere. De mevlevi tollen voordien alleen in mijn oriëntalistische fantasies, maar nu wordt droom werkelijkheid. 


derwisj in Lahore (c) Wendy Wuyts
Volgens sommige bronnen stamt de „heilige dans van ellipsen” uit de tijd van  Rumi. Rumi was jaren op zoek naar de waarheid en vond deze in zijn dertigen in zijn zielsgenot Shams of Tahmiz. De twee mannen filosofeerden en haalden het beste bij elkaar naar boven… totdat Shams of Tahmiz op een dag verdween. Rumi was gebroken, maar dan besefte hij dat Shams altijd als een spiegel voor hem was. Hij maakte hem compleet omdat hij Rumi in zichzelf liet keren. Zijn passie naar de waarheid dreef hem naar zijn eigen binnenste. Wat in jouw hart is, is overal. Als je woede in je hart voelt, dan zal je woede van anderen ervaren. Wie liefde vindt in zijn hart, krijgt liefde terug. In zijn innerlijke reis ging hij vaak naar de moskee en cirkelde rond de pilaar. De cirkel beweging deed hem denken aan de ellips die de hemellichamen maakte en bracht hem in trance. 
Hij schreef vele gedichten en vertellingen over het verlangen naar het eeuwige, de reünie met Allah, die je nu moet ervaren, en de verlichting door liefde. Om de waarheid te zien, zoals een soefi-Baba in Rawalpindi me eerder had verteld, moet je echter liefde in jezelf zien en dan kan je alles zien.


Ik kreeg een harige bol aangereikt. Mijn opgetrokken wenkbrauwen deed mijn gastvrouw glimlachen.  „Het is patisa,” legde ze uit. „Snoep. Het is zeer zoet.” 

Een beetje argwanend nam ik een hap. Het was nog niet zo slecht.

zondag 31 augustus 2014

Valencia Bestaat Niet


“The continent is too large to describe. It is a veritable ocean, a separate planet, a varied, immensely rich cosmos. Only with the greatest simplification, for the sake of convenience, can we say 'Africa'. In reality, except as a geographical appellation, Africa does not exist.” 


Een van mijn gastheren en ik in "Ciudad de las Artes y las Ciencias",
de meest beroemde toeristische attractie in Valencia.
Dit gebouw werd een symbool van corruptie en geldschandalen. 

Ik vond deze anekdote op de eerste bladzijde in een boek in Gandia, een stadje nabij Valencia. Het was in het Spaans -niet mijn beste taal-, maar toch begreep ik elke letter. Eerder dan deze anekdote die ik op het internet terug vond, schreef Ryszard in zijn voorwoord dat dit boek niet over Afrika gaat, maar een compilatie is van reisverhalen, van zijn ervaringen en ontmoetingen met mensen die toevallig allemaal op dat stuk planeet wonen, tussen deze grenzen, in deze labels... van Afrika.

Twee dagen eerder was ik in Valencia aangekomen, ook met een koffer  vol stereotypen. Ik wist niet zoveel van Valencia, behalve dat er een strand was, een of ander beroemd monument dat een of ander museum voor kunst en wetenschappen was, en dat de paella daar ontstaan was. 

Het is heel gemakkelijk om deze stereotypen uit de doos te halen. Ja, ik heb paella gegeten. Mijn gastheer gaf me churros dat ik in mijn chocolade saus moest dopen. Bij de schattige grootouders kreeg ik een glas Horchata, een drank dat uit noten, water en suiker bestaat en op melk lijkt, een typische drank uit Valencia dat ontstaan is toen er veel moslims waren.  De grootouders bodem me ook fartons aan, de typische koekjes, op de binnenplaats van hun koddig huisje, waar grote bomma-onderbroeken aan de wasdraad drogen en waar je in de verte duiven hoort kirren. Daar, op de plastieken tuintafel, trof ik dit boek aan en las ik deze tekst.

Ik herken het onmiddellijk. 

Ik vind het alsmaar moeilijker om een reisverslag over een land of een stad te maken. Ik wil iets origineels schrijven, zonder in stereotypen te vervallen, maar bestaat deze plek dan wel? Onlangs merkte een kennis op dat in stereotypen een zekere waarheid zit. Zou Valencia bestaan als we alle paella, strand, feestjes, fartons en horchata zouden laten wegvallen. 

Misschien moet ik maar het voorbeeld van Ryszard volgen en gewoon een verhaal vertellen over wat mij in Valencia is gebeurd. Terwijl enkele vrienden van een van mijn twee gastheren paella aan het voorbereiden waren in een grote pan, praatten de andere gastheer en ik over reizen. Ik vertelde hem dat ik denk dat ik zo vaak reis, omdat ik op zoek ben naar iets, maar ik weet nog niet wat. Ik ben nog niet helemaal verzadigd met wat ik heb. Er ontbreekt iets. Hij zei dat zijn leven ook rond een zoektocht draait. Zelf speelt hij gitaar. 
"Ik zoek het perfecte lied."
Daarom heeft hij een lijst van boeken opgesteld, en pas als hij die allemaal gelezen heeft, weet hij dat hij het perfecte lied zal componeren. Hij weet dat het al over liefde zal gaan. 
Toen vatte de tafel vlam waarop ze paella aan het klaarmaken waren... 

dinsdag 26 augustus 2014

De Eerste Nacht in -of de eerste indrukken van - Pakistan

In april 2014, wanneer de Taliban en de Pakistaanse regering in een soort van vredesonderhandeling zaten, besloot ik tijdens mijn trip in Azië twee oude vrienden van Pakistan in Lahore te bezoeken en de rest van het land te verkennen. Ik had zelfs een biodynamische boerderij nabij Lahore gevonden bij wie ik vrijwilligerswerk kon doen en een soefi muzikant in Rawalpindi (de tweelingstad van Islamabad) bij wie ik kon couchsurfen. 

Mijn verhaal in Pakistan begint in het donker. In Karachi. Door een vertraging van vier uur in Kathmandu had ik mijn connectie gemist. Het was zes uur ’s avonds. Buiten was het al donker. Ik passeerde de douane en liet me rondleiden tot bij de infobalie van Pakistani Airlines. Het is niet de eerste keer dat ik mijn „White Woman VIP card” in dit land zou misbruiken. White betekent al iets in dit land, waar nog steeds sporen te vinden zijn van het Britse koloniale bewind, Woman zorgt ervoor dat ze veel respect voor je hebben en je geen kwaad zullen doen -want zij zien de vrouw als een diamant die je moet koesteren, maar vooral ook goed moet beschermen tegen begerige mannen-  maar de combinatie van deze twee W-Woorden maakt van jou een prinses, zeker als je alleen reist. Mensen vragen aan mij of ik een actrice, een journalist of een diplomate ben. Waarom anders zou ik hier zijn? En dan nog alleen? Ik moet iemand zeer belangrijk zijn, dachten ze (en deelden ze ook met mij mee). Geen prinses, want dan zou ik een heleboel bodyguards hebben… maar ik moest toch iemand met een belangrijke reden zijn. Ik kon ook uiteraard CIA-agente zijn.  

Wanneer ik aan de balie hoorde dat de volgende vlucht pas om 08u ’s ochtends is, kwamen de krokodillentranen op. Ik heb al vaak gereisd en al vaak moeten wachten, zelfs hele nachten, maar ik had in afgelopen dagen, weken, eigenlijk al maanden, al heel wat teleurstelling en verdriet moeten verwerken. Deze angsten, pijn en onzekerheden liet ik op een krakkemikkig stoeltje in de luchthaven op de vrije loop. Soms -en volgens mij overkomt het de beste reiziger- vraag je jezelf af waarom je altijd zoveel onzekerheden en avontuur opzoekt terwijl je beter thuis kan rusten. Waarom put ik me altijd steeds zo uit? Wat drijft me altijd om meer te reizen, meer te ontdekken? Waarom was ik hier? In dit gevaarlijk land? Ik kende niemand in Karachi. Ik wilde verdwijnen in deze oceaan. Dan sloop tussen al die donkere gedachten het besef dat ik in een onbekend land ben … waar je heel snel kan verdwijnen. Die gedachte is weken bij mij gebleven en heeft me later geïnspireerd om aan een nieuw verhaal te beginnen. In dit land achter gordijnen, sluiers en andere maskers kan je heel wat verbergen. 
Ik nam mijn spullen en slofte naar buiten. Er stonden massa’s mensen… en ze keken allemaal naar mij. Nadat ik mijn euro’s in Pakistaanse rupees gewisseld had en al op een foto met een hele familie had geposeerd, had ik door dat ik de enige blanke persoon ben in deze wijde omtrek. Tot mijn opluchting vond ik een MacDonalds. Gratis wifi! Ik moest mijn gastheer waarschuwen dat ik veertien uur later zou aankomen. Terwijl ik mij over mijn iPod boog, zette een Pakistaanse man zich bij mij. Iets in de dertig, groot, verzorgd gekleed en geschoren. Hij stelde zichzelf voor als een journalist. Hij had juist de massa straatkinderen gefilmd die naar een voetbaltoernooi in het buitenland zouden vertrekken. Hij vroeg wat ik hier in een MacDonalds in Karachi deed en ik legde mijn situatie uit. Hij stelde voor dat hij mij Karachi bij nacht wou tonen. „Er is hier een mooi strand.” Ik wist niet zoveel af van Karachi, maar ik wist dat het niet zo veilig was als Lahore en Islamabad. De sensatiezoeker in mij zei echter „Gaan!” De rationale moederfiguur hield mij tegen en zei dat ik eerst mijn goede vriend in Lahore zou moeten waarschuwen. 
Ik vroeg of ik zijn gsm mocht lenen, ging buiten zitten en belde mijn vriend op. Wanneer ik zijn stem hoorde, verdwenen alle donkere wolken. Hij liet mij beloven om de nacht in de MacDonald door te brengen. „ Ik heb tien jaar in Karachi gewoond en weet dat enkele buurten zeer gevaarlijk zijn. Er is veel straatcriminaliteit.”  Al telefonisch regelde hij met die journalist als tussenpersoon een sim-kaart voor mij zodat ik vanaf nu ook telefonisch bereikbaar ben. In Pakistan kunnen buitenlanders immers geen sim-kaart hebben. Een Pakistani moet immers zijn identiteitsnummer, naam van zijn vader en zijn moeder, geboorteplaats en geboortedatum opgeven. Mijn goede vriend aan de telefoon registreerde op zijn naam een nieuwe telefoonnummer voor mij en liet mij beloven goed op de sim-card te letten „zodat het niet in de verkeerde handen kan vallen.”

Nadat de journalist is vertrokken, begon de lange nacht. Soms was ik in MacDonalds, soms dwaalde ik rond de luchthaven. Mensen staren naar mij, ik zie vrouwen in burka’s, een kindje plaste op de grond vlak aan mijn stoel, om vier uur s’ ochtends, ik staarde jaloers naar de mannen die op de grond sliepen… Wanneer ik echter op de grond wou zitten, kwamen ongeruste politieagenten al vragen of ik ok waren en lieten iemand anders van hun stoel gaan zodat „de witte dame” kon relaxen. Om vijf uur onderrichtte een elf jarig meisje mij in Urdu, de officiële taal van dit land. „Ap kesi ho?”  Dat betekent „hoe gaat het met jou?”  Om zes uur bood een heel familie mij ijs en chai aan. Chai is de Zuid-Aziatische versie van thee. Ik had het al vaak in Nepal en India gedronken. Het is verslavingwekkend, maar ik vond er niets aan. Pas in Pakistan leerde ik van de speciale smaak van chai houden. 

Eindelijk was het tijd om in te checken. Ook al was mijn lichaam moe en lag het plat op een zetel-ik trok me niets meer aan van de starende blikken- toch was mijn geest super enthousiast. Ik zou eindelijk na een jaar met twee goede vrienden herenigd worden, in een van de laatste landen waar ik mezelf ooit verwacht had. In het vliegtuig naast mij verscheen een jonge vrouw die mij pannenkoeken en koffie van MacDonalds aanbood. Ze is jonger dan mij, vertelde over haar gearrangeerd huwelijk met haar neef en Pakistaanse politiek. 

Ik kwam als een wrak in de luchthaven van Lahore aan. Terwijl ik (nerveus) op mijn bagage wachtte (en hoopte dat het de reis had overleefd), belde ik de vriend in Lahore als eerste op. „Ik ben hier.” Ik wist dat de andere vriend al buiten in de aankomsthal op mij stond te wachten. 

zaterdag 16 augustus 2014

The Mother of Haïti

Some years ago I met the talented photographer Betania Salvatore from Bariloche, Argentina, when I traveled in Guatemala. She came back from a project in Haïti and shared me this story:

An old mother used all her money to give her daughter a better life somewhere else. Every day she cried and prayed for her missing daughter. 
For years.
Betania heard from others that her daughter had died.
Nobody told the old mother. 

bron: http://500px.com/photo/36661544/untitled-by-betasalvatore
(c) Beta Salvatore, Haïti 2011

vrijdag 1 augustus 2014

Terug naar Nieuw-Zeeland: Het Begin van een Verhaal (1)


Een andere richting


Tijdens mijn wereldreis was ik in Melbourne beland. Na enkele dagen in koffiebarren en sushirestaurants te hangen besloot ik om mijn hele planning over boord te gooien en een jaar in Australië te gaan werken. Ik wou voor totale vrijheid gaan. Alleen leerde ik snel dat je alleen voor een Work&Holiday visum in het buitenland kan aanmelden.  Ik dacht enkele dagen na over welke bestemming. Hawaï? Door de verhalen van een Amerikaanse met wie ik in India en Nepal daarvoor had gereist was ik ook wel geïnteresseerd om in die grotten daar te leven. Of Papoea New Guinea? Ik dacht aan de uitnodiging van een vriend om hem daar te bezoeken als hij daar zou werken. Ik wist dat een bevriend koppel nu in Cambodja was, maar ik wou niet een derde wiel zijn, dus dat was ook geen optie. 

Ik staarde naar de bestemmingen van Qantas Airlines en dan zag ik Auckland staan.

Nieuw Zeeland… Het is al jaren een droom om Nieuw Zeeland te bezoeken, maar na de verhalen van twee vrienden uit Amerika-laten we hen Lizzie en Gavin noemen- wist ik dat Nieuw Zeeland meer dan een week tussenstop verdiende. Toch boekte ik een ticket om twee weken in Nieuw Zeeland door te brengen. Ik regelde het allemaal vanuit een MacDonalds; daar had ik gratis wifi. Ik was over mijn maandelijks limiet van mijn Mastercard heen en moest de twee laatste dagen op kraantjeswater en brood van de 711 in Melbourne overleven. Op mijn laatste dag zat ik hele dag met mijn laptop in de MacDonalds en observeerde hoe de andere klanten al de hamburgers in hun mond staken, van hun milkshake slurpten en chocolade van hun vingers aflikten. Een foltering in slowmotion. Ik had alleen maar twintig dollar; juist genoeg om mijn bus naar de luchthaven te betalen. Het is een hele kwelling om zonder eten zes uur in een Macdonalds te zitten. 

Aankomst in Auckland

Uiteindelijk vloog ik naar Auckland. Zodra ik in het land van kiwi’s, rugby en hobbits aankwam, wist ik dat ik over twee weken niet terug naar Australië zou vliegen. Ik verdien echt de prijs voor “meest wispelturige vrouw ter wereld”, en ik ben trots op deze prijs. Het zou blijken dat Nieuw-Zeeland me dichter naar de wortelen van Yggdrasil, van het leven, van de wereld… zou brengen dan de wildernis van Australië. 




 Wanneer ik in de luchthaven van Auckland langs de immigratie moest, verklaarde ik dat ik wandelschoenen die vol sporen van grond van de Himalaya in Nepal waren. Ik kreeg mijn schoenen tien minuten later -helemaal chemisch gereinigd terug-. Ja, ik was in het land van de natuur die nergens anders in de wereld meer beschermd werd dan hier. Zij hechten veel belang aan Biosecurity Risk Goods. Aangezien ze op een eiland leven, zijn ze erin geslaagd hun planten en dieren te beschermen tegen vele ziekten. Daarom mag je geen voedsel, planten en plantproducten, dieren, zuivelproducten, bodem, water of andere voorwerpen waaraan aarde is bevestigd, zoals sportschoenen, wandelschoenen en tenten... mee brengen. Je kan het aangeven aan de douane, maar waarschijnlijk komen alleen je schoenen en tent chemisch gezuiverd terug. 

De douanier gaf het zelfs met een glimlach terug, omdat ik mijn schoenen al had aangegeven voordat ze mijn bagage onderzochten. Ik herinnerde me dat ik veel respect en ontzag had voor deze zorg voor natuur. Ik wist onmiddellijk dat ik hier nog iets zou leren. 

Nadien ging ik naar een bankautomaat. Nog steeds wou mijn kaart me geen geld geven. Ik lachte met de situatie. Juist wanneer ik besluit om helemaal zonder plan verder te reizen, kreeg ik al de eerste moeilijkheid. Ik zag dit niet als een tegenslag, maar als een deel van het avontuur. 
Een uitdaging. 

Ik besloot te liften.

Een vriendelijk koppel stopte en bracht me helemaal van de luchthaven naar het huis van Sebastian. Ik zou daar voor drie nachten couchsurfen. Couchsurfing is een manier van reizen; via een website (couchsurfing.org) kan je aan andere mensen vragen om op hun zetel, of in hun extra bed, te slapen voor een nacht, of meer. Dat is het minste wat je kan verwachten. Vaak nemen de lokale mensen je mee naar hun favoriete bars en andere plekjes. Ik was al sinds 2008 vertrouwd met deze website en organisatie, maar ik had er niet veel gebruik van gemaakt. Ik had zelf al een Poolse in mijn huis gehad, en eerder op een zetel in Kopenhagen en in Roemenië gesurfd. Op de website kan je naar de bewoners van bijvoorbeeld Auckland surfen, en dan beland je op het profiel van een persoon wiens foto of visie je aanstaat. Je leest over hun favoriete boeken, hun filosofie, hun beschrijving, wat zij willen leren of waarin zij kunnen onderwezen… Heel belangrijk is dat andere mensen, eerdere bezoekers, ook referenties kunnen achterlaten. Voor mij, een solo reizende jonge vrouw van 22, was het belangrijk te weten hoeveel en welke referenties de gastheer of gastvrouw heeft. Na een korte zoektocht op mijn computer in mijn kamer in Melbourne vond ik het profiel van Sebastian en ik was onmiddellijk aangetrokken; hij beschreef zich als een schrijvende, veganistische, ecologische piraat. Hij zei dat hij iedereen over Aroha zou leren. Ik stuurde hem een verzoek, en hij antwoordde positief. 



De Roep van Rozemarijn
Nadat ik me had gesetteld in het "The Spaceship" - zo noemde hij het gebouw waarin hij en enkele anderen huisden. Volgens mij was het vroeger een brandweerkazerne-, maakte hij een gerecht met pompoenen (kiwi’s zijn dol op pompoenen, zou ik leren) en vroeg me rozemarijn plukken in een perkje van de straat. Ik wist niet hoe rozemarijn eruit zag, maar toch legde hij mij geduldig uit hoe ik het kon herkennen. Wanneer ik het plantje herkende, voelde ik iets kriebelen. Ik wou meer over planten en tuinieren leren. Tijdens het avondmaal vroeg hij mij wat mij naar Nieuw Zeeland bracht, en ik zei dat ik hier ben om een visum aan te vragen voor Australië, maar dat ik eerst wat ging rondreizen in Nieuw Zeeland. Plots dacht ik aan Lizzie, en over haar WWOOF-ervaringen in Nieuw Zeeland. Ik staarde naar de rozemarijn die niet gebruikt was, en zei dan dat ik ook aan WWOOFing ga doen. Zomaar. Uit het niets.
Of misschien kwam het van veel dieper.
Van een verlangen dat jaren in mij heeft geslapen en nu begint op te borrelen, zoals die modderpoelen in de reisgidsen van Nieuw-Zeeland.
Ik wil meer leren over de natuur, organisch boeren en tuinieren. 


bron: www.landidee.nl
Dan vroeg ik hem wat hij schreef, "want ik heb op je profiel gelezen dat je schrijft." 
“Ik schrijf over dingen die ik leuk vind, zoals ecologie, veganisme…” en hij begon erover te vertellen. We praten over onze interesses en over onze zoektocht naar een andere wereld. Ik wist helemaal niet zoveel over ecologie -ondanks mijn bachelor in geografie- als hij of als ik nu -bijna drie jaar later-, maar er werden al zaadjes gelegd. Hij intrigeerde mij, omdat hij een vrije persoon was. Ik wou ook zo vrij zijn. Ik wist al dat ik wispelturig en vrij was. Zoals een vlinder.
Alleen dacht ik dat het in mijn betekenis iets negatiefs betekende. 
Ooit vroeg een vriend in België wat mijn lievelingsdier was. Ik antwoordde vlinder.
Hij glimlachte en zei dat het bij mij paste. "Het is hoe je wil dat andere mensen je zien. Ik denk dat je wel wil dat mensen je zien als iemand die met de wind gaat en steeds van koers verandert, niet echt wetende wat je wil."
Ik vroeg Sebastian wat zijn lievelingsdier was. Hij dacht eventjes na en zei: “De mens.” 
Ik lachte. Ik had deze vraag al aan tientallen personen op mijn wereldreis (en ervoor) gevraagd. Dit antwoord ik nooit eerder gehoord, maar toch vond ik het geniaal.
“Wat is jouw lievelingsdier?” vroeg hij. 
“Ik denk… wolf,” zei ik. 

“Wat is je woord voor 2012?” vroeg ik. Het was 11 januari 2012. 

“Uh…wat een vraag... bevrijding.”
“Bij mij is het… surrender. Het is ongeveer hetzelfde.”
Wat is je woord voor je leven?” vroeg hij deze keer. 
“Ik…. Dat is een moeilijke vraag. Mag ik hierover nadenken?”
“Uiteraard,” zei hij.  
“Wat is jouw woord voor je leven?”
“Aroha,” zei hij. 
“Aho...oora?”
“Nee, Aroha. Dat is Maori voor absolute liefde,” zei hij. 
“Dat is een prachtig woord. Kan je me daar meer over vertellen? Ik herinner me dat je op je profiel iedere bezoeker belooft om daarover te leren.”
Hij lachte. “Er zijn betere leermeesters dan ik die je alles over Aroha kunnen vertellen.”
“Kan je het voor mij opschrijven?”
Hij schreef dan in sierlijke letters op een blad in mijn reisdagboek…


Te Aroha. 

donderdag 31 juli 2014

Terug naar Nieuw-Zeeland: Inleiding (0)

Wai- O-Tapu , Januari 2012
- Elke dag nam ik een foto van mijn "Sneeuwwit Bord" 
op mijn Fairytravel rond de Wereld, 
met de hoeveelste dag ik al onderweg was. 


Meer dan 2,5 jaar geleden heb ik in Nieuw-Zeeland het boek A Canoe in the Mist van Elsie Locke gekocht.  Ik had juist het thermisch wonderland van Wai-O-Tapu bezocht, samen met een Belgische filmstudent en een Koreaanse met wie ik samen in het noorden aan het liften was. Waiotapu betekent "Heilige Waters" voor de Maori, de oorspronkelijke bewoners (maar wat betekent "oorspronkelijk"?) van Nieuw-Zeeland, zoals de Aboriginals dat voor Australië zijn. Waitotapu is een geothermisch gebied vol geisers, warmwaterbronnen en heel vreemde kleurrijke verschijnselen. Je voelt je als Lucy in the Sky with Diamonds als je de Champagne Pool, Artists" Palette, Primrose Terrace en al die bubbelende modderpoelen bewondert.  

Vroeger kon je hier ook de Witte en Roze Terrassen bezoeken, maar deze zijn na de vulkaanuitbarsting van Mountain Tarawera in 1886 verdwenen. Het boek gaat over twee jonge meisjes Lilian Perham en de Engelse toerist Mattie Hensley die als een van de laatsten de terrassen zullen kunnen bewonderen...  Tijdens hun toer zien ze een vreemde kano die in de richting gaat van deze heilige berg. Het blijkt een waka wairua te zijn... een geest kano, wat een omen betekent voor onheil. Dan barst de hel los en laat de duivel zijn regen vallen...
Bron: Wikipedia, schilderij van Blomfield

Ik heb het boek nooit in Nieuw-Zeeland gelezen, maar samen met andere souvenirs uit het land van de kiwi's, schapen, hobbits en doeken vol Maori symbolen scheepte ik dit boek naar mijn ouders in België. Het kwam later dan ik zelf aan. Het boek is bij het uitpakken bijna in de vergeetput gedonderd, maar onlangs vond ik het terug en deze week heb ik het in een ruk uitgelezen. Ik vond het heerlijk om terug naar dit land te keren, vol avontuur en natuur, naar de legendarische wereld van de Maori. 

Iedereen die naar Nieuw-Zeeland wil gaan, of daar al is geweest, raad ik dit boek aan. Het is spannend en tegelijk leerrijk, zonder saai te worden. Er worden Maori woorden gebruikt, maar niet in zo'n grote mate dat je in een oceaan van onwetendheid lijkt te verdrinken. Ik heb het gevoel dat ik zelfs meer over de Maori weet, en tegelijk herinnerde ik me zoveel over de cultuur en het land dat me meer dan twee jaar geleden zo begeesterd hebben.  Ik heb WWOOFing gedaan in Coromandel en Northland, waar ik zeer inspirerende mensen heb ontmoet, en nog meer verrijkende gesprekken heb gehad, ik heb mezelf gereflecteerd tijdens mijn wandelingen alleen in de ruige natuur, langs de kliffen, en de oeroude bomen, en ik heb ook wat gelezen over de cultuur en het wereldbeeld van de Maori. Al tijdens mijn eerste dag leerde mijn couchsurfing gastheer uit Auckland me al dit belangrijke Maori woord aan: Aroha, wat liefde voor iedereen en compassie betekent. 
Ook in dit boek kwam Aroha terug voor. Het is zelfs een titel van een van de laatste hoofdstukken. 

Follow me," said Sophia. "Give them your aroha as I do."
First Clare, then Ina, then Mere, she greeted with a pressing of noses, an embrace and a kiss, and a soft keening (...) 

Ik wil daarom ook meer schrijven over Nieuw-Zeeland, en vooral de Maori, zeker ook omdat deze blog twee woorden uit hun taal draagt. Laat dit daarom het start zijn van een hele reeks blogs over Nieuw-Zeeland in augustus. Om de twee maanden ga ik proberen om inspirerende en onbekende verhalen te schrijven over een land waar ik al geweest ben. Ik ga dus beginnen met Nieuw-Zeeland. 

zondag 20 juli 2014

Bloed Taboe in Kathmandhu, deel 1


Claire Lin en haar ladies
(c) Wendy Wuyts
Onlangs las ik een anekdote dat je jouw beste vriendinnen herkent aan het feit dat je alleen met hen over je periode kan praten. Deze anekdote weerspiegelt hoe taboe een gesprek over menstruatie is, zelfs in de Westerse wereld, terwijl het een zeer natuurlijk proces is dat het leven en de emoties van de helft van de wereldbevolking bepaalt. Claire Lin uit Taiwan neemt geen blad voor de mond wanneer ze over haar maandelijkse belevenis vertelt. Ze vertrouwde me toe dat ze vroeger pijnstillers slikte en zich zeer miezerig voelde. Haar vriend bracht haar altijd warme chocomelk. Hij wees haar tijdens hun bezoek aan Auroraville, het reusachtige eco-village in Zuid-Indië, op katoenen inlegkruisjes. Ze bande de plastiek uit haar maandelijkse cyclus en voelt zich zelfs zeer comfortabel. Ze bracht het idee zelfs naar Nepal, waar ze tijdens eerdere reizen geschokt was door de taboe en ongezonde gewoontes die heersen over ons maandelijks bloed. 


Bron: Google search "farmer's market kathmandu 1905"
Zelf maakte ik kennis met Claire op de Farmer’s Market 1905 in Kathmandu (Nepal). Op de farmer’s market verzamelen verkopers van organische voeding en andere producten. Zowel Nepalezen van de hogere en middenklasse als expats en toeristen zakken op zaterdag en zondag af om van de groene atmosfeer te genieten. Mijn Nepalese vriendin, een oude studiegenoot, wees me op het standje van Claire en vertrouwde me toe dat ze haar inlegkruisjes al enkele maanden gebruikt. „Ze zijn gezond en zo comfortabel dat ik wil dat ik altijd mijn periode heb.” Ik was eerst een beetje cynisch. Ik vroeg me af of het lekgevaar niet groter werd. Alsof mijn vriendin mijn gedachten kon lezen, voegde toe dat ze deze alleen in haar lichtere dagen gebruikt. 
Claire merkte ons op en begroette ons met een warme glimlach. Terwijl ze mij de verschillende soorten inlegkruisjes toonde en mijn vragen over lekgevaar, de hygiëne en het wassen beantwoordde, bekroop een warm gevoel mij. Dit leek allemaal te kloppen, zei mijn intuïtie. De verhalenverteller in mij spoorde me aan om voor een uitnodiging aan haar sociale onderneming waar ze de inlegkruisjes maken te bezoeken en meer te leren over LoveLady. Zeer enthousiast gaf Claire Lin me haar contactgegevens. 

Een van de meisjes die mijn pad in Nepal kruiste
(c) Wendy Wuyts
Enkele dagen later vertrok ik op mijn eentje, met mijn camera, lenzen, statief, proper ondergoed en mijn tandenborstel en mijn notaboekje naar een dorpje nabij Dhulikhel, twee uur met de bus van Kathmandhu.  Ik plande om voor een nacht te blijven, maar de omgeving, de figuren die ik ontmoette en de natuur deden mij langer blijven. Als ik geen vlucht naar Pakistan moest halen, was ik daar misschien wel drie weken gebleven. De busreis was al een heel avontuur. Ik speelde twister met tientallen Nepalezen in een overvolle bus op kronkelende bergweggetjes. Ik heb me zodanig in zoveel posities gewurmd dat ik me afvroeg hoe Claire voor elk weekend het klaarspeelde haar lading lovelady pads te vervoeren naar Kathmandu. De eindbestemming was adembenemend. Fonkelende rijstterrassen vormden een grootste trap naar een vallei die omringd werd door de Himalaya. Kinderen wandelden in hun uniformpjes naar huis. Auto’s en bussen toeteren vlak voor elke bocht een heel orkest. Ik vroeg aan een vrouw in haar standje met koekjes, drank en andere gefabriceerde producten die ze niet in de velden kunnen plekken de weg naar de Hasera Farm. „Volg deze weg voor vijf minuten. Er is maar een weg,” vertelde de enige persoon die Engels kon. Ik vroeg me af wat vijf minuten betekende -want tijd is niet zo gedetermineerd als  in de West-Europese wereld- en begon te wandelen. Het waren echt vijf minuten voor ik een bord aantref met „Hasera Permaculture Design Course”. Ik keek op, naar rechts, en zag drie vrouwen naar mij staren. Ik vond een trapje naar boven en volgde deze vrouwen naar het erf voor de grote, witte boerderij en maakte kennis met Mitu, met haar stralende glimlach en haar vlezige omtrek duidelijk een dochter van Moeder Aarde, en een van haar tweelingzonen. 
„Welkom in mijn huis,” begroette ze. „Ik verwachtte je. Waar is Claire?”

Klik hier voor het vervolg.

dinsdag 3 juni 2014

Pakistan en de Metafoor van de Olifant in de Duisternis

In een heel ver land brachten enkele wijze Hindu’s een olifant in een donker huis. Vele mensen gingen het bekijken, maar ze konden de olifant alleen in de donkere stal zien. Ze mochten de olifant aanraken. Daarom vormden ze een beeld van de olifant op een tast. De ene persoon voelde  alleen de slurf en zei dat een olifant op een waterpijp moest lijken. De andere raakte de oor en vergeleek het dier met een lappendeken. De andere raakte de poot en zei dat de andere personen mis waren. „Het lijkt op een pilaar”. De andere raakte de rug en zei dat de olifant zoals een troon is. Iedereen hoorde elkaar praten, maar toch bleven de meesten vasthangen aan hun eigen geloof. Sommigen verwerkten wat ze van anderen hoorden, maar niemand kon helemaal beschrijven wat een olifant is…


Sinds ik zeventien ben, is deze parabel van Rumi, de bekendste sufi in het Westen, een van mijn lievelingsverhalen, omdat het aantoont hoe ver de meeste mensen van waarheid zijn. Onze leerkracht had andere leerlingen en mij met dit verhaal laten kennismaken als inleiding tot een project over wereldgodsdiensten dat we moesten maken. De absolute waarheid is als de olifant. Elke godsdienst is de aanraking van de olifant in het donker. Sommige mensen zoeken heel hun leven naar het totaalbeeld van de olifant, naar de algemene waarheid, maar slechts weinigen begrijpen dat ze vooral met hun hart, en niet met hun ogen, moeten zoeken.  
Ook ik ben op zoek… Nog steeds. Zelfs als je openstaat voor een plaats, een persoon, een ervaring... zijn er nog zoveel andere verhalen die ontdekt kunnen worden... 

Pakistan in het Donker
Bijna twee jaar geleden maakte ik kennis met een jongeman uit Pakistan. We studeerden allemaal in een internationale filmschool in Praag, Tsjechië. Ik wist helemaal niets van Pakistan, behalve dat ze Osama Bin Laden in Abbotabad hebben gevonden en dat het door Taliban geteisterd worden. Geen enkele vezel in mijn lichaam dacht er aan om dit land te bezoeken, ook al hou ik van reizen en avontuur. Pakistan leek me een kil, gevaarlijk land waar elke vorm van liefde onderdrukt wordt door burka’s, gedwongen huwelijken en extreem-conservatieve zelfmoordaanslagen. 
Dat is toch het beeld wat de media mij gaf. 
Wij werden vrienden. We deelden niet alleen een passie voor film en reizen, maar voerden ook gesprekken over verschil tussen de „Orient en de Occident” en existentialisme, waarvan sommigen overvloeiden naar een discussie, anderen in stilte vervielen en enkelen een glimlach bij ons ontlokten. Dankzij hem ontkiemde het idee om Pakistan aan mijn lange lijst toe te voegen. Het leek helemaal niet zo gevaarlijk. Integendeel… Zijn verhalen deden aan mijn stage op het Zuid-Turkse platteland denken waar tandeloze oude vrouwtjes mij komkommers en tomaten gaven, herders mij en mijn vriendin op hun kar vol geiten een lift gaven of de vele boeren die haar en mij op een warme glimlach, een basisles Turks en thee trakteerden.
Een jaar nadat onze paden waren gescheiden, kwamen onze paden in de Pakistaanse stad Lahore terug samen. Mijn verblijf was veel te kort, maar ik zag de contouren van de olifant uit het verhaal van Rumi. Ik deed ook aan couchsurfing en zag het land niet alleen vanuit de ogen van mijn oude vriend. Deze vele ontmoetingen en ervaringen brachten wat meer licht zodat ik de onbekende schoonheid van dit land zag. Ik zag ongelooflijk mooie architectuur, beleefde geweldige avonturen met landverschuivingen, leerde meer over de schoonheid, de waarheid en de vrijgevigheid in de religies daar en ontmoette de meest gastvrije mensen. Ik ben verslaafd geworden aan chai. Bijna twee maanden later, in België, bestel ik nog steeds chai latte, als ik kan. 
Er zijn ook andere ervaringen, die een andere kant van Pakistan tonen. Een straat oversteken kan een nachtmerrie zijn, daarnaast moet je oppassen dat je niet van blasfemie beschuldigd zal worden en mijn planning werd vaak onderbroken door het gebrek aan elektriciteit. Dat laatste was misschien soms goed voor een meisje dat van een wereld komt waar je constant bereikbaar bent en overwelmd wordt met informatie. Hoe meer mensen ik echter sprak in Pakistan, en hoe meer ik observeerde, of meemaakte, hoe meer ik echter realiseerde dat het te moeilijk is om dit land samen te vatten. Ik weet alleen dat het meer is wat Malala, soldaten en journalisten ons vertellen. 


Een aantal foto's, zoals hierbovenstaande, zijn intussen op een website van de grootste Engelstalige krant van Pakistan gepubliceerd: http://www.dawn.com/news/1107919

zaterdag 22 maart 2014

Spreek een beetje luider


In Nepal sturen ze op een bijzondere manier gebeden naar de hemel: in plaats van te bidden draaien ze aan gebedsmolens of hangen ze gebedsvlaggetjes vol wensen die de wind naar de hogere sferen mag brengen. Mijn boodschappen draag ik over via video's. In oktober hadden mijn vrienden van visual okapi en ik deelgenomen aan de internationale muziekvideowedstrijd van Genero.TV, waarbij we finalist werden. Nu maak ik samen met een goede vriendin uit Nepal -zij studeerde aan het acting department van de Prague Film School- een muziekvideo voor Diane Birch van Genero TV. 

Pre-Productie
Wanneer we in de Dream of Gardens van een kopje koffie genoten, vroeg de broer hoe je aan een muziekvideo begint. Zelf werkt hij in de marketing en gelooft dat een idee voor een campagne of een video op dezelfde manier begint. Ik had geen duidelijk antwoord. Ik zei dat creativiteit groeit en vaak komt wanneer je niet te veel nadenkt. Eerst krijg je een idee, dan werk je het uit zodat het praktisch realiseerbaar wordt, doet research over de prijzen, mogelijkheden, het verhaal, vindt mensen -ik vond zijn zus als mijn producer en actrice- en luistert vooral naar hen. Het idee groeit en groeit, zelfs in de post-productie. 

Ik was heel hard geïnteresseerd voor deze wedstrijd, omdat Diane Birch met haar lied duidelijk wil maken dat duistere tijden in je leven natuurlijk zijn, en niet dienen om je kleiner te maken, maar om je te laten groeien. Zij had eerst een lange relatie geëindigd en daarna haar vader, haar levenskracht, aan kanker verloren. "To stay strong, you have to surrender a bit to the breakdown and embrace the darker parts of your psyche and circumstances, come full circle and realize that there’s beauty in even those really difficult and testing times. If you can learn to do that, you can manifest a lot of great things in your life." Het lied "Speak a Little Louder" behoort tot haar eerste album in jaren dat een kijk biedt in haar complexe en uitdagende groei in een vrouw. 

Mij leek het om dit universeel thema in een totaal andere context te plaatsen. Door het in Azië te filmen wordt dit thema meer herkenbaar, ook al vindt het plaats in een totaal andere wereld. Bovendien wou ik ook ervaren hoe het zou gaan als ik later een groter filmproject in Azië zou filmen. Het is altijd voor mij een droom geweest om een groter project in Nepal te doen. 



op de set; mijn Nepalese vriendin (rechts) laat hen
tekenen dat de video uitgezonden mag worden


Productie
We hebben de opnames over drie dagen gespreid. Op de eerste dag maakte ik in de voormiddag kennis met de kinderen en toonde mijn vriendin me enkele locaties. In de namiddag filmden we op twee locaties de scènes met de kinderen. Aangezien zij geen acteurs zijn, opteerde ik niet voor close-ups (CU's). Tijdens de analyse van Kusturica's "Black Cat White Cat" leerde ik dat CU's meer emotioneel geladen zijn, maar dat de acteur ook sterk uit de hoek moet komen. Ik filmde de kinderen meer van een afstand en gaf hen zo weinig mogelijk aanwijzingen. Ik had namelijk een visie van een mooie jeugd, en ik denk dat je kinderen dan gewoon hen zelf moet zijn. De regie ging via vier talen. Het vormde zich in het Nederlands in mijn hoofd, dat ik voor mijn producer in het Engels vertaalde, waarna zij Hindi sprak tegen de moeders die daarna hun kinderen in hun Nepalees dialect vertelden wat ze moesten doen. Het klinkt omslachtig, maar het werkt. 

Tijdens de tweede dag filmden we een scène in de slaapkamer van mijn producer, waarna we op zoek gingen naar acteurs. Of ja, acteurs. In Nepal bestaat er niet echt een theatergemeenschap, zoals in Praag of Antwerpen. Mijn producer heeft verschillende mensen opgebeld, maar uiteindelijk vonden we genoeg personen. Op de derde dag gingen we eerst nog langs het beauty salon, voor enkele shots en om de hoofdactrice te doen opmaken, en gingen we langs een stalletje om henna te kopen, want een andere actrice speelde de getrouwde vrouw. Henna en groene en rode armbanden symboliseren dat iemand getrouwd is. In totaal hebben deze opnames me 50 euro gekost, waaronder zakgeld voor de kinderen, eten, henna, de make-up sessie en de armbanden. Prijzen zijn dan ook zeer laag in Nepal. Mijn producer heeft een eigen kok, chauffeur en een poetsvrouw die ze maandelijks 70 euro uit betaalt. Naar het schijnt zijn dat zelfs hoge lonen voor deze beroepen. 

Post-productie
In Nepal zijn de meeste internetverbindingen traag, maar een vriendin van mijn producer heeft super snel internet en zij liet me enkele shots naar België wetransferen, zodat een vriend, een specialist in After Effects, vlinders kon animeren. Zelf nam ik mijn laptop mee naar gezellige koffiebarren, maakte een eerste versie, zond deze naar mijn vrienden van visual okapi voor constructieve feedback en werkte dan tegen de klok verder om het daarna op de website van Genero.tv te uploaden. Momenteel is de uitslag van deze wedstrijd nog niet bekend. De winnaar wordt de officiële muziekvideo van Diana Birch. 

Nieuwe projecten
Intussen heb ik op Farmer's Market 1905, een marktje in het groen, met standjes vol ecologische producten en andere leuke dingen, kennisgemaakt met een NGO dat heel eco- and-woman-friendly producten verkoopt. Overmorgen vertrek ik naar het dorp om foto's en footage te maken, want het is iets wat ik heel graag wil promoten.  

zondag 16 maart 2014

Made in Asia

Momenteel bevind ik me in de luchthaven. Goed op tijd. Ik heb last minute besloten om een reispartner mee te nemen. Tijdens vorige grote reizen nam ik altijd iets mee, zeker op de reizen wanneer ik alleen reis. Ik wil en/of kan niet altijd op de foto poseren, omwille van verschillende redenen. Een foto van enkel een landschap is zo saai. Dan kan je beter een postkaartje kopen. Daarom neem ik altijd stille reisgenoten mee. 

Van 2008 tot 2012 nam ik mijn vijf eendjes mee op verschillende reizen in de de hele wereld. Ik had uiteindelijk een album, genaamd "Duck Luck" met meer dan 250 foto's. De eerste foto's waren alleen van het blauwe eendje in New York (juli 2008). Blauw eendje besloot niet meer solo te gaan en nam de vier andere eendjes mee op de volgende trip. Hun eerste gezamenlijke optreden is in Lissabon. Hun tour bestond uit vele landen in Europa, Ghana, Peru, Argentinië, Chili, Uruguay, Honduras, Guatemala, India, Nepal, Kenia, Thailand en Nieuw-Zeeland. Uiteindelijk besloten ze op pensioen te gaan in het laatste land. Daar in de wildernis vonden ze ultieme vrijheid na hun grote zangcarrière. 

Wat zongen de eendjes? Eerst representeerden deze eendjes vijf kotgenoten. Later gaf ik elk eendje een woord zodat ze samen de universeel mooi boodschap "all you need is love" over de hele wereld spreiden. Vogels zingen duidelijk de mooiste liedjes. Verschillende vrienden en lokale mensen hebben in de hele wereld met deze eendjes geposeerd. 

Duck Luck - 5 colorful ducks carrying the message "all you need is love" around the world
Tijdens mijn wereldreis van september 2011 tot mei 2012 had ik een wit bord bij, waarop ik de dag, locatie en soms nog een extra boodschap op schreef. Ik noemde deze reis soms ook wel "The FairyTravel of Snow White Board", ook al was dit bord na een tijdje niet meer wit. 

Als dagen hetzelfde waren, zoals mijn weken in Thailand, nam ik wel niet elke dag een foto. In de Taj Mahal mocht ik geen "tekengerief" meenemen, dus dan heb ik op een stuk papier de boodschap geschreven. Soms schreef ik ook andere dingen op het bord, zoals tekstballonnen, boodschappen voor de bevolking...  Net zoals de eendjes heeft Snow White Board ook met verschillende mensen, zowel vrienden als lokale mensen, voor de camera geposeerd. 

Dit bord reisde naar Duitsland, Kenia, Nepal, India, Thailand, Maleisië, Singapore, Australië, Nieuw-Zeeland, Chili, Argentinië, Bolivië, Peru, Colombia, USA, Servië en Hongarije. Op dag 248 bevonden we ons terug in het adembenemende treinstation van Antwerpen. 

In Kenia was het nog een Sneeuwwit board. 

Deze keer ga ik voor 6 weken naar Azië. Als je mijn verblijf en studie in Praag niet bijrekent, dan is dit mijn 3e grootste reis. Het gaat ook wel een bijzondere reis zijn, want ik ga beginnen met bekende plaatsen, zoals Bangkok en Kathmandhu, maar daarna ga ik zeer onbekend territoria, zelfs voor andere reislustige vrienden, opzoeken, namelijk Pakistan, en wie weet nog waar ik terecht zal komen. Ik wou weer iets leuks meenemen. Maar ... wat? Mijn eendjes waren weg, mijn bord zag er echt ... versleten uit... 

Toen viel mijn blik op mijn oude Pikachu, een van mijn grootste helden en een van de meest geweldige dingen die Azië ooit geproduceerd en geëxporteerd heeft. Ik besloot om eens te testen hoe levend Pokémon nog is in Azië. 

Hier is al een eerste foto. Ik beloof dat er veel mooiere foto's dan deze in de luchthaven van Brussels zullen zijn. Verwacht foto's van Pikachu in apentempels in Kathmandhu, de Himalaya, eeuwenoude steegjes van Lahore ... en misschien zelfs op een pingpong show in Bangkok. 

Geduldig wacht Pichaccu in mijn tas op de avontuurlijke weken die ons te wachten staan.
Volg zeker onze foto's op instagram. Het zal zeer geel-zwart worden ;)
http://instagram.com/wendiertje89



donderdag 13 maart 2014

Ik ga op reis en ik neem mee...


Soms vragen vrienden aan het begin van een grote reis wat ze best in hun rugzak steken. Het is eigenlijk niet zo simpel. Het hangt ervan af of je alleen reist of met meerderen, welke landen je bezoekt, hoe lang je zal reizen, hoeveel kg je kan dragen... Zelf probeer ik maximum 15kg mee te zeulen, met mijn handbagage inbegrepen. Ik vertrek over enkele dagen naar Nepal, Thailand, Pakistan... en India of Cambodja. Het klimaat is al verschillend. Je vindt ook een ander soort toerist in Pakistan dan in Thailand. Toch heb ik maar een rugzak van 40 liter en een kleine hangzak van misschien maar 5 liter bij. 

Mijn vloer lijkt op een marktkraampje wanneer ik aan het inpakken ben.

Het eerste wat ik tegen vrienden zeg, is dat je in elke uithoek van de wereld een emmer met water, een wasmachine of zelfs een wasserij kan vinden. Neem niet een te hoge kwantiteit van een kledij mee. Drie kleedjes is al overdreven. Uiteraard is het moeilijk om dan te kiezen welk kleedje je al die weken zal dragen. Kiezen is verliezen, zouden economen zeggen, maar het enige wat je verliest is ... niets. Je wint alleen maar luxe bij, omdat je een lichtere zak zal meesleuren.

Bovendien ga je na een tijd die kledij veranderen. Voor een prik en een ei kan je een nieuw kleedje, broek... kopen. Laat jouw oude kledij in een kledingcontainer of een tweedehandswinkel achter. 

Ook raad ik je aan om research te doen. Je hoeft geen reisgidsen uit te pluizen, maar lees wat over de wereld, over de bestemmingen... zelfs eigenlijk al voor je een reis plant, zou je toch al iets van de bestemming moeten weten. Waarom zou je er anders naar toe gaan?  We leven niet meer in de 16e eeuw, waarin veel land onbekend was. Dankzij het internet kan je zoveel over de wereld weten. Als je weet naar waar je vertrekt, weet je ook beter wat je in jouw rugzak moet steken. 

Ik moet toevoegen dat ik deze keer veel spullen bij heb die niet nodig zijn, zoals een laptop of een externe schijf. Een laptop is iets speciaal. Ik weet dat op het internet veel pro's en contra's zijn over het meenemen van een laptop op reis. Ik heb deze bij, omdat ik een video tegen een deadline moet afwerken. En niet alleen daarom. Het is ook handig als je zoals ik nog vaak last minute hostels, couchsurfing hosts... zoekt. Aangezien ik met mijn meeste internationale vrienden via Facebook correspondeer, ben ik vaak in de virtuele ruimte te vinden. Alleen mag je het volgende niet vergeten:



Daarom zal ik ook een rubriek "deluxe" maken. Deze spullen zijn niet nodig, integendeel, maar ze kunnen van nut zijn, zeker als je een videomaker/fotograaf met een missie bent. 


Alle spullen die je boven ziet, passen daadwerkelijk in deze Forclaz 40 Backpack. Deze rugzak is ook ideaal als je twee dagen gaat trekken in de wilde natuur, maar zou ik niet aanraden als je weet dat je bepaalde dagen voor een week zelf eten, kookgerief, een tentje... moet meezeulen. De slaapzak kan gewoon bovenop  bevestigd worden. 

A) MAKE-UP TASJE

* wash-it all: voor lichaam/kledij/borden. 
* kleine tube zonnecrème en ... vooral aftersun
* tandenborstel + tandpasta
* shampoo + conditioner
* borstel 
* mascara, oogpotlood, oogschaduw, foundation en eyeliner: overal in de wereld zijn er momenten dat je er mooi voor de dag (of avond) uit wil zien.
* haarrekkers en speldjes: het gaat warm zijn
* tampons en maandverband: maandverband kan je nog gemakkelijk vinden, tampons minder. Bovendien wil je niet aan een conservatieve man in een snoezig winkeltje uitleggen dat de Russen Parijs zijn binnengevallen en welke munitie je nodig hebt. Je kan hem dat gewoon niet aandoen. 
* condooms: souvenirs zijn leuk, maar geen enge ziektes of baby's. 

B) KLEDIJ

Een grote fout die ik vaak maak, is dat ik niet nadenk over de kleurencombinaties. Je gele t-shirt past misschien bij je jeansbroek, maar niet bij je oranje short. Alleen als ik ga trekken, dan trek ik me niets aan. In tegendeel, dan trek ik zoveel mogelijk lagen aan. 

* 1 kleedje: het is altijd een zeer harde keuze welk kleedje je gaat meenemen. Ik kies iets dat zowel zomers is maar ook ideaal is voor feestjes of deftigere gelegenheden.
* 1 golfje om over jouw kleedje aan te doen, als het wat kouder is
* 2 tanktopjes
* 1 t-shirt
1 hemdje met lange mouwen: dit heb ik aan als ik vertrek. Ook al ga je naar een warm land, zorg voor minstens een blouse of hemdje met lange mouwen. Op sommige plekken kan je best zoveel mogelijk lichaam bedekken.
* 2 sjaaldoeken (dus die je kan openvouwen): zeer handig, als hoofddoek tegen de zon, om jouw schouders in kerken en moskeeën te bedekken, als bescherming voor de koude, om rond jouw heupen te binden als je op het strand stapt... 
* 1 warme trui
* 1 hoodie
* 1 warme jas tegen wind, water en sneeuw: Afgezien van mijn digitale gadgets is dit misschien het duurste, maar dit is zo belangrijk. Zelfs in de woestijn kan het zeer koud worden. 
* 1 short
* 1 lange broek
* 1 lange wandelbroek die een short kan worden: handig
* panty's: voor leuke gelegenheden, maar ook ideaal voor in de bergen, als je met verschillende lagen wil werken... Iemand vertelde me ooit dat in het leger ook stiekem panty's gedragen worden, als extra bescherming tegen de koude. 
* 5 paar sokken
thermisch ondergoed
* 1 BH + de BH die ik al draag
* 7 onderbroeken: sommige meisjes gaan voor minder en wassen om de drie dagen hun onderbroek in een lavabo. Ik ben een beetje lui. Ik ga voor 7. 
* bikini: voor strand, voor in de bergen van Nepal waarin een douche vooral uit een emmer water buiten bestaat... 

C) SCHOENEN

* sandalen, liefst iets chiquer, zowel casual als op zomerse feestjes
sleffers: zelfs in New York moest ik me wassen in ranzige douches. Je wil gewoon de vloer niet aanraken met je blote huid uit angst dat je met een huidziekte thuis komt.
* wandelschoenen of bottinen: deze keer ga ik voor sportschoenen, want mijn oude bottine zijn versleten en heb geen tijd om nieuwe in te lopen (heel belangrijk is het inlopen). Bovendien plan ik geen grote hiking, ook al ken ik sommige stoere meisjes die bijna de hele Annapurna Circuit op hun sandalen hebben gestapt.

D) ZAKKEN

* moneybelt waarin ik mastercard en paspoort bewaar. Deze spullen heb je normaal gezien nauwelijks nodig, maar hou je toch best altijd veilig bij je. 
strandzak voor laptop, een boek, bikini... 
plastieken zakken: altijd handig. Geef een plastieken zak meerdere levens, voordat het op de vuilnisbelt verdwijnt. Ik steek altijd al mijn ondergoed in een plastieken zak. Ja, wie dacht dat ik geen ondergoed mee had na het zien van de eerste foto, is dus mis. 
* schoudertas: deze zak krijgt een eigen chapter, zie G 

E) VARIA

* mini first aid kid
* microfiber handdoek, XL. Dit is super klein, droogt snel...  Een kleine investering, maar het is zeker het waard. Handdoeken kunnen zo hard een last worden. 
* drinkbus: het is ecologisch, maar eigenlijk weet ik dat ik veel plastieken flessen met een verzegelde dop zal moeten kopen als ik niet een ziekenhuistoerist wil worden. Jammer. 
* iodine tabletten zijn ideaal als je gaat trekken en water van beken zal nemen. Je bent misschien een dierenvriend, maar hou de wormen maar ver weg van je.
aansteker
* plastieken vork, mes en lepel

F) DELUXE

* statief voor camera
* laptop + batterij oplader
* oplader batterijen dslr
* draaiboek muziekvideo 
* gsm + batterijoplader (meestal "vergeet" ik die thuis; thuis telefoneer ik al nauwelijks)
* boek "dancing girls in lahore": Vaak vind je in vele hostels een boekenplank. Daar kan je een uitgelezen boek achterlaten en een nieuwe meenemen. Het is altijd leuk om een boek bij je te hebben. Zelf lees ik minder als ik thuis ben, maar op reis lees ik mee Soms is het goed om te relaxen bij een knetterend vuur in een gezellig theehuisje en niet aan jouw bucketlist te werken, zodat je wat energie kan opladen. Ik probeer zelf altijd boeken te lezen die geschreven zijn door plaatselijke auteurs of over het land dat ik bezoek. 
* cadeautjes voor vrienden: "elixir d'anvers

G) SCHOUDERDRAAGTAS (voor kostbare spullen)

Terwijl ik mijn mastercard, een klein deel van het geld, paspoort en mijn gele koorts inentingenkaart in een moneybelt onder mijn kledij bewaar, 
heb ik ook portemonnee nummer 1. Daarnaast bevinden zich ook volgende schatten:

* superklein notaboekje, met o.a. adressen, telefoonnummers van lokale mensen die ik ken
* 2 balpennen: sowieso speel je een balpen kwijt, of werkt eentje door de warmte of koude niet meer
* zakdoeken
* lomografie camera met filmrolletjes
* dslr camera: body + 2 lenzen + 2 batterijen + 2 memory cards
* gsm 
* klein portemonneetje met geld, maestro kaart (die niet zal werken in Azië, maar wel bij mijn thuiskomst in België), bloedkaart, nationale ID-kaart

Deze rugzak hou ik altijd als een baby bij mij. Ik doe dit expres niet in een rugzakje, omdat ik liever zicht heb op de rits van deze rugzak. 

TIP! Mijn vader heeft me ook altijd geleerd om altijd te checken "of ik de Big Five bij me heb", elke keer wanneer ik een plaats achterlaat: paspoort, mastercard, fototoestel, gsm en sleutels (van je hotelkamer).

WAT LAAT IK THUIS?

Reisgidsen: Als ik een land bezoek, neem ik een reisgids mee. In Ghana was de Brad Travel Guide mijn bijbel. Als je echter meerdere landen bezoekt, en een laptop meezeult zoals ik, kan je beter beroep doen op het internet. 
Hakken: Ja, er gaan zeer veel leuke feestjes zijn. Je wil op jouw mooiste uitzien, maar op een strand in Brazilië of een hippe bar in Kathmandhu ga je alleen jouw benen breken als je op hakken rondstapt. Er zijn veel andere alternatieven, zoals ballerina's en  

Voilà. Wat nemen jullie mee op reis? Misschien zie ik enkele dingen over het hoofd en zal ik deze later aan de blog toevoegen. Het belangrijkste heb ik nog echter niet vermeld: leergierigheid. Er zullen moeilijke momenten komen, er zullen geweldige herinneringen gemaakt worden, oude vrienden zullen je paden kruisen en je zal afscheid nemen van nieuwe vrienden, maar dat is deel van de reis. Zorg ervoor dat je altijd wil bijleren en dan kom je overal...